De onderkant van je trap schilderen doe je door het hout eerst te ontvetten en licht te schuren. Verwijder losse verf, werk beschadigingen bij en breng waar nodig grondverf aan. Schilder daarna de randen met een kwast en de grotere vlakken met een kleine roller.
Omdat je boven je hoofd werkt, is een dunne verflaag extra belangrijk. Zo voorkom je druppels en zakkers, oftewel verf die naar beneden uitloopt.
Welke verf gebruik je voor de onderkant?
Voor een houten onderkant is een lak voor binnen geschikt. Je kunt kiezen voor lak op waterbasis: die ruikt meestal minder sterk dan verf op terpentinebasis. Een speciale slijtvaste traplak is aan de onderzijde niet nodig, omdat je er niet overheen loopt.
Stem de grondverf af op de lak en de ondergrond. Kaal hout heeft grondverf nodig. Zit er al een stevige, intacte verflaag op de onderkant? Dan kun je die meestal reinigen, schuren en overschilderen. Bij twijfel over de hechting, bijvoorbeeld bij een onbekende oude verflaag, is een geschikte hechtprimer een veilige keuze.
Een lichte kleur laat de ruimte onder de trap vaak frisser ogen. Met dezelfde kleur als de muur valt de trap minder op. Donkere lak maakt de vorm juist duidelijker zichtbaar, maar stof en lichte beschadigingen kunnen daarop sneller opvallen.
De onderkant van de trap schilderen in stappen
- Maak ruimte en dek af. Haal spullen onder de trap vandaan en bescherm de vloer met afdekfolie of een stucloper. Plak aansluitende muren af als je die niet wilt meeschilderen.
- Maak het hout schoon. Neem ook de hoeken en de randen bij de muur mee met een ontvettend schoonmaakmiddel. Verwijder eventuele resten van het middel en laat het hout drogen.
- Maak de ondergrond vlak. Krab loszittende verf weg, schuur de overgangen glad en vul beschadigingen met houtplamuur. Schuur daarna licht en maak alles stofvrij.
- Breng grondverf aan waar nodig. Behandel kaal hout en gerepareerde plekken met passende grondverf. Laat die drogen, schuur licht en verwijder het schuurstof.
- Lak de onderkant af. Begin bij de lastig bereikbare randen en hoeken met een kwast. Rol daarna de grotere vlakken. Werk in kleine stukken en strijk druppels meteen uit.
Meestal geven twee dunne laklagen een mooi dekkend resultaat. Laat de eerste laag drogen en schuur die zo nodig licht voordat je de tweede aanbrengt. De droogtijd verschilt per verf; op de verpakking staat wanneer je kunt overschilderen.
Zo werk je netjes boven je hoofd
Gebruik een kleine lakroller en neem niet te veel verf tegelijk op. Een overvolle roller spat sneller en laat dikke banen achter. Werk van de verste hoek naar de opening toe, zodat je niet langs natte verf hoeft te reiken.
Bij een trap met afzonderlijk zichtbare trede-onderkanten zijn er veel smalle randen. Een kleine kwast helpt om die te bereiken. Een dichte onderkant heeft vaak grotere vlakken, die je sneller met een roller schildert. Gebruik bij beide een lamp die schuin op het hout schijnt: daarmee zie je druppels en gemiste plekken beter.
Zorg voor frisse lucht en draag een veiligheidsbril tegen verfspatten. Moet je hoger werken, gebruik dan een stabiele huishoudtrap en verplaats die regelmatig. Zo hoef je niet ver opzij te reiken terwijl je de onderkant schildert.