trap schuren en schilderen

Trap schuren en schilderen: zo pak je het aan

Inhoudsopgave

Je trap schuren en schilderen doe je in deze volgorde: ontvetten, schuren, stofvrij maken, beschadigingen herstellen en de trap afwerken met grondverf en slijtvaste lak. Een oude verflaag die nog stevig vastzit, hoef je niet helemaal te verwijderen. Schuur die wel goed op, zodat de nieuwe laag kan hechten.

Wat heb je nodig voor trap schuren en schilderen?

Voor een strak resultaat heb je naast verf ook materiaal nodig om de ondergrond schoon en glad te maken. Leg dit klaar voordat je begint:

  • Ontvetter, een emmer en schone doeken.
  • Schuurpapier en eventueel een schuurmachine met stofafzuiging.
  • Een stofzuiger en een licht vochtige doek.
  • Houtvuller voor beschadigingen en een plamuurmes.
  • Grondverf voor kale plekken en slijtvaste lak die geschikt is voor trappen.
  • Een kwast, een kleine verfroller en afplaktape.
  • Een stofmasker, bijvoorbeeld met P2-filter, en een veiligheidsbril.

Gebruik voor beschadigingen op de treden een harde houtvuller die tegen belasting kan, zoals een tweecomponentenvuller. Stem grondverf en lak op elkaar af: niet iedere verfsoort kan zonder meer over een andere worden aangebracht.

Eerst ontvetten, daarna de trap schuren

Maak de trap eerst schoon met ontvetter en laat hem drogen. Schuur je voordat het vet weg is, dan kun je het vuil juist in de ondergrond wrijven. Dek de vloer rond de trap af en plak aangrenzende delen af die je niet wilt schilderen.

Bekijk daarna de bestaande verflaag. Verwijder losse en bladderende verf met een verfkrabber. Schuur de randen van die plekken vlak, zodat je de overgang naar de verf die nog vastzit minder ziet. Een stevig vastzittende laag hoef je alleen gelijkmatig mat te schuren.

Voor het opschuren van een bestaande verflaag is schuurpapier met korrel P120 tot P180 meestal een bruikbaar uitgangspunt. Gebruik op hardnekkige, beschadigde plekken eventueel een grovere korrel, bijvoorbeeld P80. Werk daarna na met fijner papier. Schuur niet te diep, vooral niet op de randen en neuzen van de treden.

Met een schuurmachine werk je snel op de vlakke delen. Voor hoeken, randen en andere kleine plekken is schuren met de hand vaak makkelijker. Draag een stofmasker en zorg voor ventilatie. Is de verflaag erg oud en weet je niet wat erin zit, laat dan eerst beoordelen of veilig schuren mogelijk is.

Beschadigingen vullen en stof verwijderen

Zuig na het schuren de hele trap schoon, ook langs de randen en in de hoeken. Neem het oppervlak daarna af met een licht vochtige doek en laat het drogen. Achtergebleven stof zorgt voor een ruwe verflaag.

Vul putjes en beschadigingen met een geschikte houtvuller. Laat de vuller uitharden en schuur de reparaties vlak. Maak ook deze plekken weer stofvrij. Grote beschadigingen of loszittende delen vragen eerst om een goede reparatie: verf alleen maakt een trede niet stevig.

Grondverf en lak aanbrengen

Breng grondverf aan op kaal hout en gerepareerde plekken. Een oude verflaag die nog goed vastzit, heeft niet altijd een nieuwe laag grondverf nodig. Verandert de kleur sterk, dan kan grondverf wel helpen om de lak gelijkmatig te laten dekken.

Schilder eerst de randen en hoeken met een kwast. Gebruik daarna een kleine roller voor de grotere vlakken. Werk in dunne, gelijkmatige lagen om druipers te voorkomen. Schuur tussen de lagen licht met fijn schuurpapier, bijvoorbeeld P180 tot P240, en maak de trap opnieuw stofvrij.

Breng meestal twee dunne lagen slijtvaste traplak aan. Gebruik eventueel een antislipproduct dat bij de lak past, want een gladde trede kan gevaarlijk zijn. Op de verpakking staat wanneer de verf overschilderbaar is en wanneer je de trap weer mag belasten: droog aanvoelen betekent niet dat de lak al volledig hard is.

Plan de klus zo dat je de geschilderde delen niet te vroeg hoeft te gebruiken. Heb je de trap tussendoor nodig, dan kun je eventueel om en om treden schilderen, maar alleen als de overgebleven treden veilig bereikbaar blijven.