Je kunt de luchtvochtigheid in huis regelen door eerst met een hygrometer te meten en daarna vocht toe te voegen of juist af te voeren. Voor de meeste woonruimtes is een relatieve luchtvochtigheid van ongeveer 40 tot 60 procent een prettige richtlijn. Blijf ook ventileren als de lucht droog is: frisse lucht blijft nodig.
Een enkele meting vertelt niet alles. Kijk vooral of de waarde langere tijd te laag of te hoog blijft en pas je aanpak daarop aan.
Luchtvochtigheid in huis regelen begint met meten
Een hygrometer is een meter die de luchtvochtigheid in procenten aangeeft. Zet hem op een plek waar je normaal verblijft, niet direct naast een radiator, open raam of luchtbevochtiger. Zo meet je de lucht in de kamer en niet alleen het effect van een warmtebron of apparaat.
Meet op verschillende momenten, bijvoorbeeld ’s ochtends en ’s avonds. Na het koken, douchen of schoonmaken kan de waarde tijdelijk stijgen. Wacht daarom even met maatregelen nemen en kijk of de luchtvochtigheid daarna weer daalt.
De waarde kan per kamer verschillen. Wil je weten waar bijsturen nodig is, verplaats de meter dan naar een andere ruimte en geef hem daar tijd om zich aan te passen.
Stuur bij op basis van de meting
Gebruik de uitkomst als richtlijn, niet als een getal dat voortdurend precies gelijk moet blijven. Met deze aanpak regel je de luchtvochtigheid zonder meer vocht toe te voegen of af te voeren dan nodig is:
- Onder ongeveer 40 procent: blijft de waarde laag en heb je last van droge lucht, voeg dan geleidelijk vocht toe. Meet opnieuw om te zien of het helpt.
- Tussen ongeveer 40 en 60 procent: er is meestal geen apparaat nodig om de waarde bij te sturen. Blijf wel ventileren en meet af en toe opnieuw.
- Boven ongeveer 60 procent: blijft de waarde hoog, beperk dan waar mogelijk de vochtproductie en zorg dat vochtige lucht wordt afgevoerd. Pak ook een eventuele vochtbron aan.
Een kortdurende uitschieter is niet meteen reden voor actie. Zie je langdurig hoge waarden of schimmel, zoek dan naar de oorzaak in plaats van alleen het vocht uit de lucht te halen. Denk aan een lekkage of een ventilatiesysteem dat niet goed werkt.
Droge lucht geleidelijk bevochtigen
Is de lucht langere tijd te droog, dan kun je beginnen met een waterverdamper aan een radiator of een bakje water op een veilige plek. Het water verdampt langzaam. Het effect is vaak beperkt en hangt af van onder meer de temperatuur en de grootte van de ruimte.
Voor meer invloed op de luchtvochtigheid kun je een luchtbevochtiger gebruiken. Een apparaat met een instelbare doelwaarde kan helpen om niet onnodig door te bevochtigen. Heeft het apparaat geen ingebouwde regeling, gebruik dan een losse hygrometer en zet het uit zodra de lucht vochtig genoeg is.
Een luchtbevochtiger vraagt onderhoud. Ververs het water regelmatig en maak het reservoir schoon volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Bij sommige apparaten kan kraanwater een witte kalkaanslag in de kamer veroorzaken. Gebruik geen geurolie tenzij het apparaat daarvoor geschikt is.
Voorkom dat de lucht te vochtig wordt
Vocht ontstaat onder meer bij koken, douchen en het drogen van was. Voer vochtige lucht af en laat ventilatieroosters open of gebruik de aanwezige mechanische ventilatie. Door helemaal niet te ventileren om warmte vast te houden, kan vocht zich juist ophopen.
Een ontvochtiger kan helpen als een ruimte langdurig vochtig blijft. Zo’n apparaat haalt water uit de lucht, maar verhelpt geen lekkage of ander bouwkundig probleem. Het gebruikt ook stroom en het waterreservoir moet je legen. Een model met een instelbare luchtvochtigheid voorkomt dat het apparaat langer draait dan nodig is.
Staat de meter na een korte stijging al snel weer binnen de richtlijn, dan is extra ontvochtigen meestal niet nodig. Een bevochtiger en ontvochtiger tegelijk gebruiken werkt elkaar tegen.
Veelgestelde vragen over het regelen van de luchtvochtigheid
Moet de luchtvochtigheid overal in huis gelijk zijn?
Nee. Een verschil tussen kamers is normaal. Meet in de ruimte waar je de lucht wilt bijsturen en kijk of de waarde daar langere tijd buiten de richtlijn blijft.
Wat doe je als de meter iets anders aangeeft dan je verwacht?
Verplaats hem weg van een raam, radiator of apparaat dat vocht afgeeft. Geef de meter tijd om zich aan te passen en meet later nog eens. Goedkope meters kunnen onderling iets verschillen, dus gebruik de waarde vooral als richtlijn.
Wanneer schakel je hulp in?
Als de lucht langdurig vochtig blijft ondanks ventilatie, of als schimmel en vochtplekken terugkomen, kan een bouwkundig of installatieprobleem meespelen. Laat dan de oorzaak onderzoeken.
Begin met meten op een vaste plek en verander steeds één ding tegelijk. Zo zie je of jouw manier van bevochtigen of vocht afvoeren werkt, zonder de luchtvochtigheid onnodig de andere kant op te sturen.