Een varen is als kamerplant een uitstekende keuze voor wie een weelderige, groene plant in huis wil zonder veel directe zon. Varens groeien van nature op de bosbodem, in de schaduw van bomen, en voelen zich binnen dan ook prima op een plek met weinig of indirect licht. Ze zijn er in tientallen soorten, van kleine tafelplantjes tot grote hangvarens, en ze maken elke hoek groener.
Welke varens zijn geschikt als kamerplant?
Niet elke varen gedijt even goed binnen. De meest populaire soorten voor in huis zijn:
- Nephrolepis (sieraadvaren of hangende varen): de bekendste kamerplant varen, met lange, lichtgroene slierten. Goed als hangplant.
- Asplenium nidus (vogelnestvaren): heeft brede, glanzende bladeren en is robuuster dan de meeste andere varens.
- Adiantum (venushaar): heeft fijne, tere blaadjes, maar vraagt wat meer aandacht. Gevoelig voor droge lucht.
- Platycerium (hertshoornnvaren): een opvallende varen die je aan de muur kunt hangen of op een plank kunt zetten.
- Pteris: compact en gevarieerd in bladvormen, geschikt voor kleinere ruimtes.
De vogelnestvaren is een goede keuze voor beginners. Hij heeft minder vochtige lucht nodig dan soorten als het venushaar, en is dus wat makkelijker te houden in een droge woonkamer.
De juiste standplaats voor een varen kamerplant
Een varen kamerplant groeit prima op een plek met halfschaduw. Hij heeft bij voorkeur drie tot vijf uur indirect zonlicht per dag, het liefst ’s ochtends of aan het eind van de middag. Felle middagzon is te sterk en verbrandt de bladeren. Een vensterbank op het noorden of oosten is vaak ideaal. Staat de plant op een zuidelijk raam, zorg dan voor voldoende afstand of een licht gordijn als filter.
Temperatuur speelt ook een rol. De meeste kamervarens groeien het best bij een temperatuur tussen de 15 en 22 graden. Koude tocht en plotselinge temperatuurwisselingen verdragen ze slecht. Zet de plant dus niet vlak bij een buitendeur of een airconditioner.
Water geven: hoeveel en hoe vaak?
Varens houden van vochtige grond, maar staan niet graag met hun wortels in stilstaand water. De grond mag licht vochtig zijn, maar nooit kletsnat. Controleer elke paar dagen de bovenste centimeter van de potgrond: voelt die droog aan, dan is water geven aan de tijd. In de zomer is dat meestal twee tot drie keer per week; in de winter volstaat één keer per week of minder.
Gebruik bij voorkeur water op kamertemperatuur. Koud leidingwater kan de wortels schrikken en laat kalkstrepen achter op de bladeren. Regenwater is een goed alternatief als je dat kunt verzamelen.
Luchtvochtigheid: het belangrijkste aandachtspunt
Dit is het onderdeel waarop de meeste varen kamerplanten het moeilijk krijgen. Een droge woonkamer, zeker in de winter met de verwarming aan, is voor varens niet ideaal. Ze groeien van nature in vochtige omgevingen en hebben dat ook binnenshuis nodig. Bruine bladpuntjes zijn vaak een teken dat de lucht te droog is.
Wat helpt: regelmatig sproeien met een plantenspuit (bij voorkeur ’s ochtends), de plant op een schoteltje met natte kiezels zetten, of een luchtbevochtiger in de buurt plaatsen. Badkamers en keukens zijn van nature vochtiger en daarmee goede kamers voor een varen, mits er voldoende (indirect) licht is.
Voeding en verpotten
Tijdens het groeiseizoen, van april tot september, kun je een varen elke twee tot vier weken een beetje vloeibare plantenvoeding geven. Gebruik een half gedoseerde hoeveelheid van een algemene groene plantenvoeding; te veel voeding leidt tot verbranding van de wortels. In de winter geef je geen voeding.
Verpotten doe je als de wortels uit de drainagegaten groeien of de plant zichtbaar te groot wordt voor zijn pot. Kies een pot die slechts een paar centimeter groter is dan de vorige. Een te grote pot houdt te veel vocht vast, wat wortelrot veroorzaakt. Gebruik bij het verpotten een luchtige, goed drainerende potgrond, eventueel gemengd met wat perliet.
Veelgemaakte fouten bij het verzorgen van binnenvarens
- Te weinig luchtvochtigheid: de meest voorkomende oorzaak van bruine bladpuntjes.
- Te veel water in de pot: laat de varen nooit in water staan; dit veroorzaakt wortelrot.
- Te veel directe zon: verbrande, vergeelde bladeren zijn het gevolg.
- Koude tocht: zelfs even bij een open raam in de winter kan al schade geven.
- Te weinig water in de zomer: varens drogen snel uit bij warmte en moeten vaker gecheckt worden.
Een varen als kamerplant vraagt iets meer aandacht dan een cactus of een vetplant, maar is zeker geen moeilijke plant als je de basis op orde hebt. Goede luchtvochtigheid, indirect licht en regelmatig water zijn de drie sleutels. Wie dat in de vingers heeft, kan jaren genieten van een gezonde, weelderige varen in huis.