Hangplanten stekken is makkelijker dan je denkt, zeker als je kiest voor soorten als de Epipremnum (ook wel Scindapsus of pothos) of de Tradescantia. Je snijdt een stuk stengel af, zet het in water of aarde, en binnen een paar weken groeien er nieuwe wortels. Hieronder lees je precies hoe je dat aanpakt en waar je op moet letten.
Welke hangplanten kun je makkelijk stekken?
Niet elke hangplant is even gemakkelijk te stekken, maar de meeste populaire soorten doen het prima. Dit zijn de meest geschikte kandidaten voor beginners:
- Epipremnum aureum (pothos / Scindapsus): de makkelijkste stekplant die er is. Groeit snel en is bijna niet kapot te krijgen.
- Tradescantia: stekt razendsnel op water. Een stekje van 10 centimeter heeft binnen twee weken wortels.
- String of hearts (Ceropegia woodii): iets gevoeliger, maar lukt goed als je de stek droog laat aankorsten voordat je hem in aarde zet.
- Hoya: heeft geduld nodig. Wortels verschijnen soms pas na vier tot acht weken, maar het lukt bijna altijd.
- Philodendron scandens: vergelijkbaar met de Epipremnum, groeit snel en stekt makkelijk op water of aarde.
Hangplant stekken op water: zo werkt het
Stekken op water is de meest gebruikte methode voor hangplanten, omdat je precies kunt zien wanneer er wortels groeien. Volg deze stappen:
- Stap 1: Knip een stengel af van minstens 10 tot 15 centimeter, met minimaal twee tot drie bladknopen (de kleine knobbeltjes op de stengel, ook wel nodes genoemd).
- Stap 2: Verwijder de onderste bladeren, zodat er geen blad in het water hangt. Blad in het water rot snel en verpest de stek.
- Stap 3: Zet de stek in een glas met kamertemperatuur water. Zorg dat minstens één node onder water staat.
- Stap 4: Zet het glas op een lichte plek zonder directe zon. Te veel directe zon verwarmt het water en bevordert algengroei.
- Stap 5: Ververs het water om de vijf tot zeven dagen. Zo houd je het fris en voorkom je rotting.
- Stap 6: Zodra de wortels vier tot vijf centimeter lang zijn, kun je de stek in aarde planten.
Bij een Epipremnum zie je al binnen een week of twee de eerste worteltjes verschijnen. Een Hoya laat je langer wachten, soms zes weken of meer. Dat is normaal voor die soort.
Stekken in aarde: wanneer is dat beter?
Sommige hangplanten doen het beter als je ze direct in aarde stekt, in plaats van eerst op water. De String of hearts is daar een goed voorbeeld van. Snijd een stukje af, laat het een dag of twee op een droge plek liggen zodat de snijwond iets droogt (aankorsten), en steek het dan in licht vochtige cactusaarde. Dit voorkomt rotting bij de basis.
Stekken in aarde heeft als voordeel dat de plant geen overgangsperiode nodig heeft van water naar aarde. Wortels die in water groeien, zijn anders van structuur dan wortels in aarde. Dat betekent dat een stek die lang op water heeft gestaan, soms even moet wennen als je hem overpot. Bij een directe plaatsing in aarde heb je dat probleem niet.
Gebruik voor stekken in aarde een luchtige grondmix, bijvoorbeeld een mengsel van potgrond en perliet (50/50). Dat houdt vocht vast maar droogt ook snel genoeg om rotting te voorkomen.
Veelgemaakte fouten bij het stekken van hangplanten
De meeste mislukkingen hebben dezelfde oorzaken. Hier zijn de valkuilen die je wilt vermijden:
- Geen node aan de stek: Zonder node kan een stek nooit wortelen. Controleer altijd of er minstens één knobbeltje aan de stengel zit.
- Te weinig licht: Stekken hebben indirect licht nodig om goed te wortelen. Een donkere hoek werkt niet.
- Te vroeg in aarde planten: Wacht tot de wortels echt stevig en lang genoeg zijn. Stekken met worteltjes van een halve centimeter zijn nog te kwetsbaar.
- Water niet verversen: Stilstaand water raakt vervuild en rot de stek weg. Ververs het regelmatig.
- Verkeerde tijd van het jaar: Stekken lukt het best in het voorjaar en de zomer, als de plant in de groeifase zit. In de winter gaat het trager of mislukt het vaker.
Wanneer is de stek klaar om in een pot te gaan?
Wacht met oppotten tot de wortels vier tot vijf centimeter lang zijn en er meerdere worteltjes zichtbaar zijn, niet alleen één. Plant de stek in een kleine pot, want te veel grond ten opzichte van de wortels houdt te lang vocht vast, wat rotting veroorzaakt. Een pot van acht tot tien centimeter diameter is een goede startmaat voor de meeste hangplanten.
Na het oppotten zet je de plant op een warme, lichte plek en water je pas als de bovenste centimeter van de grond droog aanvoelt. Geef de stek twee tot drie weken de tijd om te wortelen in de pot voordat je bemest of verpot.
Met een beetje geduld en de juiste aanpak vermeerder je hangplanten moeiteloos. Een Epipremnum of Tradescantia is de perfecte oefenplant als je net begint. Lukt dat, dan kun je rustig doorgaan met gevoeliger soorten als de Hoya of de String of hearts.